Gedragsregels NTFU

Gedragscode racefietsers

Hou je aan de verkeersregels
• Hou zichtbaar rekening met anderen
• Gebruik een fietsbel
• Geef op tijd richting aan
• Ben en blijf altijd beleefd
• Gebruik het aangegeven fietspad
• Passeer een ander op gepaste snelheid
• Volg aanwijzingen van regelaars en politie op
• Gooi afval in een afvalbak

Wielersportbond NTFU maakt zich hard voor
jouw fietsplezier. Meer weten? Check ntfu.nl

Basisafspraken rijden in een groep

  1. Er wordt als groep gereden. Dus samen uit, samen thuis.
  2. Er wordt rekening gehouden met nieuwe deelnemers in de groep.
  3. De voorste fietsers waarschuwen andere weggebruikers tijdig en vriendelijk.
  4. Als iemand het tempo niet aan kan laat de wegkapitein de betreffende persoon op de tweede rij fietsen en/of wordt het tempo aangepast.
  5. Bij een klim wachten we bovenaan tot de laatste boven is (niet meteen weer vertrekken gun ook de laatste dat hij of zij op adem komt).
  6. Er wordt altijd met de handen op of bij de remmen gereden.
  7. Je voert niet rijdend, achterom kijkend een gesprek.
  8. Nooit abrupt van richting veranderen of remmen, maar langzaam uitrijden.
  9. Als men in de berm rijdt niet de weg/het fietspad weer oprijden maar remmen en stoppen en voorzichtig de weg op gaan.
  10. Niet mobiel bellen (of andere apparatuur bedienen) tijdens het fietsen.
  11. Wees alert en blijf geconcentreerd.
  12. Elke fietser wordt geacht persoonlijke gegevens (identificatie) bij zich te dragen.
  13. Drink en eet op tijd, maar wel op een rustig moment.
  14. Bij pech (bijvoorbeeld lek) rijdt iedereen naar een veilige plek. Ga, indien mogelijk, van de weg of fietspad af. Er wordt gewacht en geholpen bij de reparatie.
  15. De tochten zijn geen wedstrijden, je houdt je aan de verkeersregels.
  16. Ga uit van groepen van maximaal 14 personen.
  17. Bij twijfel over de richting rustig rechtdoor fietsen (indien mogelijk).
  18. Iedereen wordt geacht te fietsen op een goed onderhouden fiets.

Tekens in de groep – Racefietsen

Stoppen
De voorrijder steekt zijn linkerarm omhoog en roept “STOP”. de groep geeft dit door naar achter.

Weg Vrij
De voorrijder steekt zijn linkerarm omhoog, wijft naar voren en roept “VRIJ”. De groep geeft dit door naar achter.

Rechtdoor
De voorrijder roept “RECHTDOOR”, de groep geeft dit door naar achter.

Afslaan
De voorrijder steekt zijn arm naar links of rechts en roept “LINKS” of “RECHTS”. De groep geeft dit door naar achter. De achterrijder steekt ook zijn arm uit.

Obstakel rechts of inhalen
De voorrijder roept “VOOR”. De groep geeft dit door naar achter.

Obstakel links of tegenligger
De voorrijder roept “TEGEN”. De groep geeft dit door naar achter.

Obstakel in of op het wegdek
De voorrijder roept de naam van het obstakel en wijst ernaar. De groep geeft dit door naar achter.

Achter elkaar rijden
De voorrijder of achterrijder roept “RITSEN”. De groep geeft dit door en geeft de ritsers de ruimte.

Ingehaald worden
De achterrijder roept “ACHTER”. De groep geeft dit door naar voren.

Problemen
De betrokkene roept “LEK”.

De Servais Knaven Classic op social media